Consument heeft meeste baat bij snel profiteren uitverkoop

Consumenten die aan het begin van de uitverkoop al op koopjesjacht gaan zijn doorgaans het voordeligst uit. Bij kledingzaken krijgen ze dan vaak de beste aanbiedingen, terwijl de prijsverlagingen na de eerste maand weer teruglopen.

Dat komt naar voren uit een rapport van het ING Economisch Bureau. Afgelopen winter ging de uitverkoop van start met extra scherpe kortingen om de door de crisis voorzichtige consument over de streep te trekken. Waar het prijsverschil tussen november en december normaal gesproken rond de 8% ligt, lag dat vorig jaar op 12%. `In januari waren de prijsverlagingen juist minder hevig. De uitverkoop begint dus eerder, maar is uiteindelijk niet dieper`, aldus de onderzoekers.

Ook bij de zomeruitverkoop lag het prijsverschil tussen mei en juni met een verlaging van 10,5% groter dan in andere jaren, toen dit verrschil ongeveer 8% was. `De kortingen zijn vaak scherper dan voorheen, maar worden gedurende een korte periode gegeven`, bevestigt brancheverening CBW-Mitex het beeld dat ING beschrijft.

Webwinkels zijn goedkoper dan taxfree shops

Webwinkels zijn goedkoper dan de taxfree shops rondom luchthavens. Dat is de conclusie van prijsvergelijker Kelkoo. Aankopen op internet zijn gemiddeld 6% goedkoper dan de winkels op luchthavens. Wel zijn de taxfree shops 6% goedkoper dan reguliere winkelstraten.

De taxfree winkels zijn dus, ondanks hun naam, niet werkelijk btw-vrij. In dat geval zou het prijsverschil in Nederland 19% moeten bedragen. De winkels moeten hoge concessiekosten betalen aan vliegvelden, en daardoor is het onmogelijk om zulke grote kortingen te geven. Vorig jaar gaven consumenten 2,8 miljard euro uit op Europese luchthavens. Daarmee bespaarden ze 185 miljoen euro. Kelkoo concludeert dat de consumenten zich eveneens voor dat bedrag te kort deden, want ze hadden de goederen ook via internet kunnen aanschaffen.

De taxfree shops op Schiphol zijn 7,5% duurder dan webwinkels. Geurtjes en zalfjes zijn op Schiphol gemiddeld goedkoper dan op andere vliegvelden. Drank en sigaretten kunnen consumenten beter niet aanschaffen op Britse airports. Franse vliegvelden zijn het voordeligst en London Heathrow is het minst attractief qua prijzen.

Boekhandel zoekt naar juiste mediamix

Boekhandels zoeken naar de juiste mediamix om hun producten aan consumenten te verkopen. Het geloof in de boekhandelfolder die huis-aan-huis verspreid wordt blijft bestaan, maar dat neemt niet weg dat naar andere middelen wordt gekeken. Er wordt onder meer gedacht aan e-marketing en de inzet van social media.

Onderzoek van onderzoeksbureau Tripolis voor het Nationaal E-mailmarketing Onderzoek 2010 toont aan dat maar liefst 76% van de 500 geïnterviewde retailers denkt dat reclame via online mail het niet zal winnen van de traditionele huis-aan-huisfolder. Volgens de retailers heeft een papieren folder meer attentiewaarde in vergelijking met een online mailing. Ook worden met de folder meer doelgroepen bereikt, met name ouderen. Toch kijken boekhandelsketens als Intres, Libris, Bruna en Selexyz naar de inzet van online marketingmiddelen.

Promoties in supermarkten hebben minder effect

Promoties in supermarkten hebben steeds minder effect. Dit tonen cijfers van onderzoeksbureau GfK aan. Waar consumenten in het nabije verleden nog bereid waren om te rijden voor een actie van een supermarkt, is dit nu veel minder. Gemiddeld gingen klanten in de eerste helft van dit jaar naar 4,62 verschillende supermarkten.

Dit ligt net iets onder het niveau van 2009. Dat het effect van promoties wegebt komt vooral omdat supermarkten weinig creativiteit gebruiken in hun actiebeleid. Het zijn immers vaak dezelfde producten als wasmiddelen, luiers, koffie, bier en zoutjes die in de aanbieding worden gegooid. Zo is van de totale wasmiddelenomzet bijna 45% via acties verkocht, terwijl dit percentage bij luiers op 30% staat en bij bier eveneens op 30%. Volgens onderzoeksdirecteur Joop Holla van GfK treedt er dan ook gewenning op bij de consument.

Sligro versnelt ombouwproces Emté

Sligro versnelt het ombouwproces van Emté. Vanaf de zomervakantie zullen elke week zeker twee winkels omgebouwd worden. De winkels vallen nu nog onder Golff, Sanders of het oude Emté. De verwachting is dat aan het einde van dit jaar zeker 50 filialen omgebouwd zijn naar Emté nieuwe stijl.

De ombouwoperatie maakt deel uit van het Masterplan Emté. Hierin is onder meer een nieuwe huisstijl voorzien. Onlangs werd de Emté-supermarkt in Dongen aangepakt. Deze supermarkt was de 25ste winkel met de nieuwe stijl. Binnen die nieuwe huisstijl worden onder meer de inrichting van de winkel en de signing stevig aangepakt. De nieuwe huisstijl is vorig jaar uitgebreid getest in de Emté-winkel in Venray. Dat Sligro het ombouwproces wil versnellen wordt gesteund door de cijfers. Onlangs presenteerde Sligro de halfjaarcijfers voor de formule. Het eerste halfjaar leverde een autonome groei op van 5,2% terwijl de totale markt op 1% groei bleef steken.

Europeanen denken verschillend over private labels

Europeanen denken heel verschillend over winkelmerken. Dat is gebleken uit onderzoek van bureau SymphonyIRI. Zo speelt de culturele en sociaal-economische dynamiek een grote rol. Ook gaat de economische recessie niet altijd gepaard met de verkoop van meer huismerken of eigen merken. Winkelconcentratie, winkelexecutie en de reputatie van het eigen merk spelen bij de groei van private labels eveneens een belangrijke rol.

Spanje kent met een stijging van 1,7 procentpunt de hoogste groei in private labels. In Duitsland daarentegen daalde het aandeel met 1,6 procentpunt, terwijl in Nederland een stijging van 0,9 procentpunt werd genoteerd. Het omzetaandeel van winkelmerken varieert van 38% in Spanje, 33% in Nederland tot slechts 10% in Griekenland. Verder vallen binnen categorieën per land grote verschillen op. Zo ligt het eigen merk aandeel voor melk in Engeland op 83%, terwijl dat aandeel in Italië slechts 15% bedraagt.

Niet alleen Aldi en Lidl zijn discounters

Dirk van den Broek, Bas van der Heijden en Digros kunnen ook als discounters worden aangemerkt. Dat blijkt na een uitspraak van het Gerechtshof in Den Haag in een hoger beroepszaak. Deze zaak was door Plus Retail aangespannen tegen ASR Vastgoed Ontwikkeling.

Veel full-service supermarkten willen graag een discounter naast zich. Dit zou immers meer klanten trekken omdat er nogal wat consumenten zijn die zowel de discounter als de full-service supermarkt bezoeken. Plus was volgens eigen zeggen met ASR overeengekomen dat er in het winkelcentrum Hoogambacht in Hendrik-Ido-Ambacht naast de Plus-supermarkt een discounter zou komen. Er kwam echter een Bas van der Heijden-supermarkt. Volgens Plus is Bas geen discounter en men maakte de zaak aanhangig bij de rechtbank.

In de uitspraak stelt het Gerechtshof in Den Haag dat er geen vastomlijnde betekenis van het begrip `discounter` bestaat en dat het daarom niet reëel is om alleen Lidl en Aldi een discounter te noemen. Dirk van den Broek, Bas van der Heijden en Digros kunnen net zo goed discounter worden genoemd, zo meent het Hof. Plus is het niet met het Hof eens en gaat een bodemprocedure starten.

Nederlandse teler wint terrein in supermarkt

De Nederlandse teler wint terrein in de supermarkt. Er is meer interesse in het Hollandse product vanuit de consument en de supermarkten spelen hierop in door meer producten van Nederlandse bodem in het assortiment op te nemen. AH en Hoogvliet experimenteren zelfs al met een jaarrond aanbod van Hollandse kasgroente, terwijl Plus het Nederlandse telerschap groots promoot in de winkels.

Daarbij gebruikt Plus het credo `Van onze telers`. Dat het Hollandse product goed scoort heeft echter weinig te maken met chauvinisme. Het is voor de supermarkten vooral een goed middel om in te kunnen spelen op de duurzaamheidstrend. In de ogen van de consument tast het vervoer van een Nederlands product het milieu immers minder aan omdat het van dichtbij komt.

Zomerfruit is in trek bij consument

Zomerfruit is in trek bij de consument. Dat toont onderzoek van Productschap Tuinbouw (PT) aan. De supermarktomzet voor zomerfruit steeg van 70 miljoen euro in 2006 naar 97 miljoen euro in 2009. Het marktaandeel van de supermarkt nam ook toe: van 62% naar 65%. Ook de markt heeft met 18% een goed aandeel in zomerfruit.

De groentespeciaalzaak blijft in de verkopen wat achter met een fair share van 9%. Dat met name de supermarkten goed scoren bij de verkoop van zomerfruit is te danken aan een aantal factoren. De groei komt voort uit het ruimere productaanbod bij de supermarkt en de betere productkwaliteit als gevolg van koelmeubels. Daarnaast valt het zomerfruit bij de consument in de smaak, omdat het niet alleen lekker is maar ook past bij de gezondheidsbeleving van de klant. Zo bevat veel zomerfruit een hoog gehalte antioxidanten en vitamine C.